A A A

Werkgroep Kerk en Samenleving

Presentatie/voordracht van de Werkgroep Kerk en Samenleving (WKS) van de beide PKN Kerken, de Dorpskerk en Gastkerk Zuidhorn,  voor de PKN Classis Westerkwartier vergadering op 27 november in de Gasthorn, Gastkerk van de Geref. Kerk te Zuidhorn

Inleiding

Mogen wij ons even aan u voorstellen?

Twee leden van de Werkgroep Kerk en Samenleving (WKS), Hanny Schutte-Veenstra, diaken van de Dorpskerk en Klaas Wildeboer, ouderling en voorzitter van de WKS, zullen deze presentatie verzorgen. Tot het instellen van deze werkgroep is besloten in de gezamenlijke kerkenraadsvergadering van de Dorpskerk en Gastkerk Zuidhorn van woensdag 8 januari 2014.

Ter informatie: Klaas Wildeboer is tevens vice-voorzitter van de WMO-adviesraad van de Gemeente Zuidhorn.

Onderwerp I: Veranderingen in het sociale domein per 1 januari 2015.

Met als centrale vraag, kunnen en willen wij als kerken daarin participeren?

Inleiding

De wereld en onze samenleving rondom ons veranderen in hoog tempo. Zo hebben wij te maken met een zich steeds verder terugtrekkende overheid. Vooral in het sociale domein, zorg en werkgelegenheid, levert dit bij mensen veel onrust en onzekerheid, ja zelfs in bepaalde gevallen paniek op. Door de effecten van de hopelijk achter ons liggende crises werden door de Rijksoverheid allerlei keuzes gemaakt die veel voor de betrokkenen betekenen. Soms de grond onder de voeten wegslaat. Zo voelen vele betrokkenen dit veelal. Daarbovenop komen de besluiten van het kabinet om het beleid en de uitvoering hiervan te decentraliseren naar de gemeenten. Denk hierbij aan de overheveling van een groot deel van de AWBZ naar de WMO. Verder gaat het beleid plus de uitvoering van de Wet op de Jeugdzorg en de Participatiewet naar de gemeenten.

Een groot probleem hierbij is dat er eerst grote sommen geld worden wegbezuinigd, alvorens dit per 1 januari 2015 naar de gemeenten over te hevelen. Dit heeft grote gevolgen voor de gemeenten en haar inwoners. Er zal een veel groter beroep moeten worden gedaan op de eigen regie, eigen kracht en zelfredzaamheid van de mensen zelf, zijn/haar netwerk, familie, vrienden, buren, kortom vrijwilligers. Wij denken dat hier ook een opdracht ligt voor de kerken, om in nauwe samenwerking met de diaconieën, ouderlingenberaad, burgerlijke gemeenten e.a. betrokken maatschappelijke instanties/organisaties een bijdrage te leveren. Door nauwe samenwerking te zoeken en met elkaar versterkende activiteiten te ontplooien en zo invulling te geven aan de opdracht, die ons door Jezus Christus in Mattheüs 25:35-36 is gegeven:

"Want ik had honger en jullie gaven mij te eten, ik had dorst en jullie gaven mij te drinken, ik was vreemdeling en jullie namen mij op",

en vers 36: "Ik was naakt en jullie kleedden mij, ik was ziek en jullie bezochten mij, ik zat gevangen en jullie kwamen naar mij toe",

en in vers 40 zegt Jezus: En de koning zal hun antwoorden:  "Ik verzeker jullie: alles wat jullie gedaan hebben voor één van de onaanzienlijksten van mijn broeders en zusters, dat hebben jullie voor mij gedaan."

Een duidelijke opdracht dus die luidt: "Om te zien naar elkaar". Ook naar mensen, onze naasten, die geen lid zijn van een kerkgenootschap e.d. In vele kerken van verschillende geloofsgemeenschappen is de afgelopen weken hierover gepreekt. Met als thema "De zeven werken van barmhartigheid".

De centrale vragen die wij ons willen stellen zijn:

·        Willen wij en kunnen wij invulling geven aan het zojuist gestelde, of kijken wij liever weg?

·        Daar moeten anderen zich maar over ontfermen?

·        Daar hebben wij toch bepaalde instanties, instellingen en/of organisaties voor?

Willen wij een bijdrage leveren aan een samenleving, waar solidariteit, iets van je eigen geluk doorgeven, barmhartigheid en gerechtigheid e.d. als kernwaarden worden uitgedragen?


1e presentatie:

In het eerste deel zal ik u zoals gevraagd informeren over enkele belangrijke hoofdzaken over de veranderingen in het Sociale Domein per 1 januari 2015.

2e presentatie:

Aansluitend zal Hanny Schutte-Veenstra u de twee speerpunten presenteren van de Werkgroep Kerk en Samenleving (WKS) van de beide gefedereerde PKN gemeenten te Zuidhorn. Deze speerpunten staan in nauw verband met de huidige maatschappelijke ontwikkelingen.

Wij willen alvast onze oprechte dank uitspreken dat wij in de gelegenheid worden gesteld, om deze beide zeer actuele speerpunten te mogen presenteren en toe te lichten.

Ik zal mij beperken i.v.m. de beschikbare tijd tot een aantal belangrijke hoofdzaken, met name over de gevolgen van de veranderingen in de zorg.

Voor volledige informatie mag ik u verwijzen naar het concept Beleidsplan Vernieuwing Sociaal Domein Westerkwartier van de samenwerkende gemeenten Grootegast, Leek, Marum en Zuidhorn. Dit beleidsplan is te verkrijgen bij de vier betrokken burgerlijke gemeenten. Ook te vinden op de website van de vier genoemde gemeenten.

Allereerst kun je in grote lijnen een scheiding hanteren tussen:

Intramurale zorg, blijft binnen de AWBZ. Zorg die wordt verleend binnen de (zorg-)instellingen.

Extramurale zorg, gaat naar de WMO. Zorg en voorzieningen, die veelal in de thuissituatie wordt verleend.

Persoonlijke zorg, gaat naar de zorgverzekeraars. Betreft mensen die meer zorg nodig zijn, zoals het wassen en meer persoonlijke verzorging.

Hoofdzaken

Een aantal belangrijke hoofdzaken die veranderen/kantelen in de WMO.

 

Overgangsrecht 2015

Allereerst is het belangrijk te melden dat het jaar 2015 een overgangsjaar is. Dit betekent dat alle mensen die een indicatie hebben die doorloopt tot na                       1 januari 2015 hun zorg zoals die nu is behouden. Echter wel tot de latere her-indicatie.

Nieuwe aanvragers, dus die nog geen indicatie hebben, worden zoveel mogelijk volgens de nieuwe normen en regelgeving geïndiceerd.

Huishoudelijke hulp HH1

HH1 vervalt echter per 1 januari 2015. HH1 heeft betrekking op het schoonmaken van het huis. Dit betreft mensen die hun eigen regie kunnen voeren. Dit moet men in principe zelf verzorgen. Dit wordt m.a.w. overgelaten aan de familie, het eigen netwerk en/of de particuliere markt.

Voor mensen die geen eigen netwerk hebben en/of de huishoudelijke hulp niet kunnen betalen, wordt een financieel vangnet geboden in de vorm van bijzondere bijstand.

Huishoudelijke hulp HH2

HH2 ook wel een aangeklede HH1 genoemd, is voor mensen die geen eigen regie kunnen voeren en ook meer ondersteuning nodig hebben.

Hierover hebben de 4 betrokken WMO-adviesraden opgemerkt dat de beschikbaarheid van de netwerken en vrijwilligers zwaar wordt overschat!

Verder zijn de WMO raden ervan overtuigd dat de gewenste bezuinigingen niet worden gehaald.

Het antwoord van de colleges van B&W was als volgt:

Wij verwachten dat de bezuinigingen in 2015 niet worden gehaald! Dit wordt deels veroorzaakt door het feit dat ongeveer 65% van de huidige cliënten in het Westerkwartier in een inkomensgroep verkeert die HH niet kan betalen en waarvoor we financiële maatregelen moeten treffen. Daarnaast moet rekening gehouden worden met de wettelijk geldende overgangstermijn van 6 maanden in gaande op 1 januari 2015.

Keukentafelgesprek

Bij een eerste aanvraag om een voorziening wordt bij de mensen thuis altijd een gesprek gehouden. Hierop is door de WMO-adviesraden sterk op aangedrongen. In eigen omgeving van de hulpvrager kun je veel beter beoordelen of er wellicht meer hulp zou moeten worden geboden dan de enkelvoudige hulpvraag die op dat moment wordt gesteld. De mogelijke vraag achter de vraag is belangrijk! Dit gesprek wordt een keukentafelgesprek genoemd. Dit gesprek wordt gehouden door de WMO-consulent met de inwoner en een familielid en/of een onafhankelijke ondersteuner. Dit laatste en de volgende toevoegingen hebben plaatsgevonden op advies van de WMO-raden. Het sociale netwerk van de cliënt/inwoner wordt altijd betrokken bij het gesprek. Verder ligt de regie betreffende het gesprek altijd bij de cliënt/inwoner. Van dit gesprek wordt altijd een verslag gemaakt, dat wederzijds door de partijen (hulpvrager of zijn/haar vertegenwoordiger/ondersteuner en de gemeente) wordt ondertekend. Dit is van groot belang om te weten, bijvoorbeeld:

* Is de boodschap wederzijds begrepen? (feed back)

* Kloppen de feiten?

* Welke maatregelen en voorzieningen kunnen mogelijk worden getroffen?

* Hoe verloopt de verdere procedure?

* Wat is de termijn waarbinnen de beslissing(en) word(t)en genomen?

* Wanneer kunnen eventueel de mogelijke voorzieningen ingaan?

Toegankelijkheid

Verder is voor wat betreft de toegankelijkheid van belang dat iedere burgerlijke gemeente één fysieke ingang heeft voor alle vragen die een cliënt/inwoner heeft op het terrein van de drie eerder genoemde decentralisaties in het kader van ondersteuning, advies, informatie en hulp. Dit heet nu nog het zorgloket.

Onafhankelijke cliëntondersteuning

Een ander belangrijk punt is dat iedere gemeente zorg draagt voor een onafhankelijke "cliëntondersteuning". De WMO-adviesraden zijn van mening dat de onafhankelijkheid van de cliëntondersteuning een voorwaarde is bij het toewijzen van de functie "cliëntondersteuning" aan een persoon dan wel organisatie.

Rechtsbescherming

Als laatste punt wil ik u wijzen op het feit dat de rechtsbescherming van de cliënten is gewaarborgd door het instellen van een meldpunt voor klachten en beroep.

 

 

 

 

 

 


II. Onderwerp II: Plannen Werkgroep Kerk en Samenleving

 

Deelnemen in Platform

Het eerste plan van de WKS betreft het deelnemen in een nog te vormen Platform. De WKS heeft contact gelegd met de Stichting Welzijn gemeente Zuidhorn (SWgZ). Doel hiervan is samen met de burgerlijke gemeente en andere vrijwilligersorganisaties in het kader van de verschraling van de zorg mee te denken met en hulp te bieden aan mensen die dat (tijdelijk) nodig hebben. Het is de bedoeling dat hiervoor een Platform wordt ingesteld, waarin vertegenwoordigers van de vrijwilligersorganisaties, en dus ook van de WKS, deel zullen uitmaken. Er zal in dit verband worden geïnventariseerd welke hulp er is, wie dat biedt, voor wie de hulp bestemd is, of er overlap is dan wel of er hiaten zijn. Ook moet er worden gekomen tot een nauwere samenwerking tussen de verschillende organisaties wat betreft het signaleren van problemen en het tijdig doorverwijzen.

Het initiatief tot het instellen van het Platform ligt bij de SWgZ. De WKS heeft besloten niet passief af te wachten en eigen initiatief te tonen.

Twee speerpunten

Daartoe heeft de WKS in haar vergadering van 29 oktober 2014 besloten zich te richten op twee speerpunten.

1. Het eerste speerpunt is het verlichten van de eenzaamheid in het bijzonder onder ouderen. Onder ouderen worden in dit kader begrepen personen ouder dan 75 jaar die woonachtig zijn in de dorpen en omgeving van Zuidhorn, Noordhorn en Briltil. De groep ouderen beperkt zich overigens niet tot leden van een kerkelijke organisatie.

In de Dorpskerk wordt deze groep ouderen ten minste een keer per jaar bezocht via het door een gemeentelid bezorgen van een zak met fruit in het kader van de fruitdienst. In de Gastkerk werd in het nabije verleden deze groep rond Kerst verblijd met een fruitbakje. De WKS is voornemens contact op te nemen met de andere kerkelijke organisaties in Zuidhorn en Noordhorn (Rooms-Katholieke parochie Sint Jozef te Zuidhorn, de Verenigde Doopsgezinde Gemeente van het Westerkwartier, Hervormde gemeente Noordhorn, Gereformeerde Kerk Vrijgemaakt De Rank) en andere geloofsgemeenschappen om te inventariseren welke acties deze organisaties op dit vlak ondernemen en te onderzoeken in hoeverre samenwerking mogelijk is.

Verder is de WKS van plan samen met de genoemde kerkelijke organisaties activiteiten te bedenken om de eenzaamheid onder ouderen te verlichten. Hierbij wordt gedacht aan het vormen van een groep van personen die ouderen bezoeken en hen bij bepaalde gebeurtenissen verblijden met een bloemetje of iets lekkers.

Verder dient er een centraal meldpunt te komen, zodat bijvoorbeeld ouderlingen en diakenen die op de hoogte raken van het feit dat een bepaalde persoon zich eenzaam voelt (dit kunnen naast ouderen ook bijvoorbeeld alleenstaande jongeren zijn), dit door kunnen geven aan dit meldpunt, zodat vanuit de groep bezoekers actie kan worden ondernomen.

2. Het tweede speerpunt is het binnen het Westerkwartier oprichten van een Stichting Hulpfonds en in een later stadium het participeren in het landelijke project SchuldHulpMaatje.

Een verontrustend toenemend aantal mensen raakt in financiële problemen en kan niet langer meer voldoen aan zijn of haar maandelijkse verplichtingen. Ook zijn steeds meer mensen niet in staat een financiële terugval op te vangen. Financiële problemen hebben verstrekkende gevolgen en brengen veel menselijk leed mee. Dat ook binnen het Westerkwartier wordt geworsteld met deze problematiek blijkt uit het aantal personen dat wekelijks een beroep doet op de Voedselbank. Duidelijk is dat de overheidsvoorzieningen in bepaalde gevallen niet toereikend zijn.

In navolging van andere gemeenten wenst de WKS een tweetal activiteiten te ontplooien. De WKS is niet van plan het wiel opnieuw uit te vinden en zoekt daarom zo mogelijk aansluiting bij bestaande projecten waarvan is aangetoond dat ze werkbaar zijn.

 

 

Stichting Hulpfonds

In de eerste plaats gaat het om het oprichten van een Stichting Hulpfonds Westerkwartier. Deze stichting dicht eenmalig een financieel gat, bijvoorbeeld een huurachterstand, in de verwachting dat de hulpvrager daarna weer op eigen benen verder kan.

De WKS wil dit plan uitvoeren naar het voorbeeld van de Stichting Hulpfonds Hellendoorn (SHH). De doelstelling van deze stichting is het helpen van mensen die financieel aan de grond zitten, die daar zelf niet meer uit kunnen komen en die nergens anders meer terecht kunnen voor financiële hulp. De stichting helpt huisuitzettingen en afsluitingen van gas en elektra te voorkomen en probeert deurwaarders zoveel mogelijk buiten de deur van hulpvragers te houden.

De SHH is onafhankelijk van officiële instanties, maar werkt wel nauw met hen samen. Daarom is er binnen de stichting goed zicht op alle mogelijke regelingen die er zijn (de stichting beschikt o.a. over een databank van mogelijkheden op het gebied van hulpverlening).

Als er een hulpvraag binnenkomt wordt er eerst onderzocht of er elders financiële hulp te verkrijgen is en of de hulpvrager ingeschreven staat bij de sociale dienst van de gemeente. Dit is een voorwaarde voor hulp door SHH. De hulpvrager moet toestemming geven aan de stichting om inzage te mogen hebben in zijn gegevens bij de sociale dienst, anders helpt SHH hem niet. Dit voorkomt een nieuw onderzoek naar de situatie van de hulpvrager en de daarbij behorende financiële rompslomp.

Project SchuldHulpMaatje

Vaak blijkt echter dat incidentele hulp niet toereikend is. Voor personen die structurele financiële problemen hebben biedt soelaas de landelijke vereniging SchuldHulpMaatje, waarvan lokale stichtingen lid zijn.

De tweede activiteit die de WKS voorstaat is dan ook het oprichten van een Stichting Financiële Begeleiding Westerkwartier (StiFiB Westerkwartier).

Via deze stichting worden vrijwilligers ingezet; dit zijn zogenoemde schuldhulpmaatjes of budgetmaatjes. Zij brengen op termijn weer evenwicht in het patroon van inkomsten en uitgaven van de hulpvrager.

Voor personen met structurele financiële problemen is langdurige vrijwillige of verplichte begeleiding nodig. De bestaande begeleiding, via o.a. maatschappelijk werk, plaatselijke sociale dienst, BBR-regelaars (Budget Beheer Rekening), uitvoerders van de WSNP (Wet Sanering Natuurlijke Personen), is voor een bepaalde groep mensen ontoereikend.

Het Project SchuldHulpMaatje gaat uit van (voornamelijk financiële) begeleiding door professionele, gecertificeerde vrijwilligers die kunnen fungeren als een soort buddy, een vertrouwenspersoon, voor mensen die in (financiële) problemen zijn geraakt.

Nederland kent steeds meer vitale, goed geschoolde, ouderen die met (vervroegd) pensioen zijn. Onder hen zijn via de bestaande kanalen van o.a. kerken, vakbonden, ouderenbonden, (sport)verenigingen, bedrijven, enz., vrijwilligers te werven die bereid zijn medemensen die dat nodig hebben (financieel) te begeleiden en op te treden als een buddy - vertrouwenspersoon.

Om als vrijwilligersorganisatie goed samen te kunnen werken met bestaande hulpverlenende overheidsinstanties en andere professionele instellingen, is het noodzakelijk dat de vrijwilligers die worden ingezet, goed opgeleid worden voor hun vrijwilligerstaken. Pas als ze een opleiding daartoe hebben afgesloten en een certificaat van bekwaamheid is afgegeven, en als ze tevens een officiële ‘Verklaring omtrent het gedrag' kunnen overleggen, mogen ze worden ingezet als professionele, gecertificeerde (financiële) begeleiders.

Stappenplan ter realisatie plannen tweede speerpunt

Welke stappen moeten worden gezet om de onder het tweede speerpunt vallende plannen te realiseren? M.a.w. om te komen tot oprichting van eerst een SHW en vervolgens een StiFiBW?

Daarvoor is het allereerst nodig te komen tot een samenwerkingsverband van de kerkelijke organisaties en de plaatselijke caritasinstellingen allereerst in de Gemeente Zuidhorn, maar binnen de zeer nabije toekomst in het gehele Westerkwartier. Afvaardigingen hiervan vormen een werkgroep; dit is tevens het bestuur van de later op te richten Stichting Hulpfonds Westerkwartier. Vervolgens worden hieruit enkele leden (2 of 3) gekozen om in contact te treden met de burgerlijke gemeente.

Voor de financiering van de activiteiten van vooreerst het hulpfonds kan gedacht worden aan een bijdrage van de burgerlijke gemeente van €1 per inwoner en van de kerkelijke organisaties van €2 per lid (belijdend of dooplid). Daarnaast kunnen donaties worden gevraagd van derden, bijvoorbeeld woningcorporatie Wold & Waard, Rotary Groningen-West en bedrijven en andere maatschappelijke instanties/organisaties.